Smaakverandering (dysgeusie) bij kanker komt veel voor en heeft een grote invloed op de voedingsinname en kwaliteit van leven van patiënten. Tot wel 70% van de patiënten ervaart tijdens de behandeling veranderingen in smaakbeleving.1 Dit kan leiden tot verminderde eetlust, voedselaversie en een lagere inname van energie en eiwitten. Omdat voeding een belangrijke rol speelt tijdens de oncologische behandeling, is het belangrijk om smaakverandering tijdig te herkennen en hier gericht op in te spelen om ondervoeding en gewichtsverlies te voorkomen.
Oorzaken van smaakverandering bij kanker
Smaakverandering kan veroorzaakt worden door zowel de ziekte zelf als door oncologische behandelingen zoals chemotherapie, radiotherapie en immunotherapie. Daarnaast kunnen factoren zoals ontstekingsreacties, medicatiegebruik, xerostomie en veranderingen in het mondslijmvlies een rol spelen bij kanker en smaakverlies.
Veelvoorkomende klachten zijn:2
Verminderd smaakvermogen of volledig smaakverlies (ageusie)
Bittere of afwijkende smaak
Metaalsmaak
Veranderde voorkeuren voor bepaalde voedingsmiddelen
Smaakverandering door kanker: ondervoeding ligt op de loer
Voor veel patiënten leidt veranderde smaak en reuk tot een verminderde eetlust en lagere voedingsinname. Hierdoor lopen patiënten een verhoogd risico op:3-5
- onvoldoende energie-inname
- verminderde eiwitinname
- onbedoeld gewichtsverlies
- spiermassaverlies
- ondervoeding
Voedingsondersteuning bij smaakverandering
Voeding speelt een belangrijke rol in het ondersteunen van patiënten tijdens kankerbehandeling. Wanneer een patiënt veranderde smaak ervaart, is het belangrijk om voedingsadviezen af te stemmen op de individuele smaakbeleving van de patiënt. Omdat smaakvoorkeuren tijdens behandeling sterk kunnen wisselen, is flexibiliteit essentieel.
Interventies ter ondersteuning van de voedingsinname:
- kleine, frequente eetmomenten
- koude of lauwe maaltijden wanneer warme voeding tegenstaat
- variatie in smaak en textuur
- gebruik van kruiden, marinades en frisse smaken
- aanpassen van consistentie en temperatuur
- inzetten van geconcentreerde compacte voeding met veel energie en eiwit
Belang van energie- en eiwitondersteuning
Bij oncologische patiënten met smaakverandering ontstaat vaak een lagere voedingsinname, terwijl de behoefte aan energie en eiwit juist verhoogd kan zijn.6,7 Hierdoor neemt het risico op gewichtsverlies en spiermassaverlies verder toe, wat het succes van de behandeling in gevaar kan brengen.
Een gerichte nutritionele aanpak kan bijdragen aan:
- ondersteuning van energie-inname
- behoud van spiermassa
- ondersteuning van fysieke belastbaarheid
- beperking van verdere achteruitgang van de voedingsstatus
Medische voeding afgestemd op smaakverandering
Naast smaak en geur speelt het trigeminus somatosensorische systeem een belangrijke rol in de algehele smaakbeleving. De trigeminuszenuw detecteert prikkels zoals pittigheid, frisheid, warmte of kou in de mond.8,9
De sensations-smaken van Nutridrink Compact Protein bevatten menthol- en capsaïcine-derivaten, die via de trigeminuszenuw verkoelende of verwarmende sensaties kunnen opwekken.10,11 De sensorisch afgestemde smaken zijn getest en gevalideerd door oncologische patiënten en spelen in op de veranderde smaakbeleving.12,13 Zo kan gerichte smaaksturing de acceptatie van medische drinkvoeding en therapietrouw ondersteunen.
Nutridrink Compact Protein sensations-smaken biedt:
- veel energie en eiwit in een compact volume voor betere therapietrouw14,15
- alle noodzakelijke vitaminen, mineralen en spoorelementen
- ondersteuning bij een verhoogde eiwit- en energiebehoefte6,7
- sensorisch afgestemde smaken gevalideerd door kankerpatiënten12,13
- variatie in smaak en sensorische beleving ter ondersteuning van acceptatie en therapietrouw
Waarom smaakvariatie belangrijk is
Smaakvoorkeuren kunnen tijdens kankerbehandeling sterk veranderen. Smaken die eerder goed werden verdragen, kunnen later juist tegenstaan. Variatie helpt om smaakvermoeidheid te voorkomen en de behandeling vol te houden.
Een breed smaakassortiment kan helpen om:
- smaakvermoeidheid te verminderen
- acceptatie van medische voeding te ondersteunen
- de dieetbehandeling beter vol te houden
Oncologische voedingszorg in de praktijk
Smaakveranderingen bij kanker vragen om aandacht binnen de multidisciplinaire oncologische zorg. Door voedingsproblemen tijdig te signaleren en gerichte interventies in te zetten, kunnen diëtisten en oncologisch verpleegkundigen bijdragen aan betere ondersteuning van de patiënt gedurende het behandeltraject.
Samen met zorgprofessionals zet Nutricia zich in om ondervoeding bij kanker vroeg te signaleren en interventies in te zetten ter ondersteuning van betere patiëntenuitkomsten.
Heeft u vragen over oncologische voedingszorg of complexe casuïstiek, zoals sarcopenie, inflammatie of verminderde voedingsinname door smaakverandering? Nutricia ondersteunt zorgprofessionals met klinische evidentie, praktijkgerichte inzichten en toepasbare handvatten voor de inzet van voedingszorg binnen de oncologische praktijk.
Daarnaast verzorgen wij interactieve smaaksessies, afgestemd op uw zorgsetting en patiëntengroep, met praktische handvatten voor de begeleiding van patiënten met smaakveranderingen.
Lees meer over medische voeding binnen de oncologische zorg
Nutridrink Compact Protein is een voeding voor medisch gebruik. Dieetvoeding bij ziektegerelateerde ondervoeding. Te gebruiken onder medisch toezicht.
1. Spotten, et al. Ann Oncol. 2017; 28(5):969-984.
2. Rehwaldt, et al. Oncol Nurs Forum. 2009; 36 (2):E47-56.
3. Brisbois TD, et al. J Pain Symptom Manage. 2011;41(4):673-83.
4. Boltong A, et al. Support Care Cancer. 2012;20(11):2765-743.
5. Belqaid K, et al. Acta Onco. 2014;53(10):1405-12.
6. Arends J, et al. ESMO Open. 2021;6(3):100092.
7. Arends J, et al. Clin Nutr. 2017;36(1):11-48.
8. Viana F, et al. ACS Chem Neurosci. 2012;2(1):38–50.
9. Green B, et al. Chemesthesis: Chemical Touch in Food and Eating. 2016. John Wiley & Son
10. Liedtke et al. TRP ion channel function in sensory transduction and cellular signaling cascades. CRC Press, 2006.
11. Tominage et al. Chem. Senses 30 (suppl 1): i191-i192, 2005.
12. De Haan JJ, et al. Support Care Cancer. 2021;29:5691-9.
13. Daly L, et al. Support Care Cancer. 2022;30 (SUPPL 1):S83.
14. Hubbard GP, et al. Proc Nutr Soc. 2010;69(OCE2):E164.
15. Hubbard GP, et al. Clin Nutr. 2012;31(3):293-312.